De Wet van de Afnemende Interactiviteit

Interactiviteit is één van de succesfactoren van internet. Maar soms ontstaat er een rare paradox: wanneer er te veel interactiviteit komt gaan de waardevolle bijdrages verloren in het gebral van anderen. Dat gebral verziekt de sfeer dusdaning dat de waardevolle reacties op den duur helemaal uitblijven.
Er lijkt dus zoiets te bestaan als de Wet van de Afnemende Interactiviteit… Wat is die wet precies? En hoe ga je er mee om?
Geen dialoog? Mensen gaan ‘schreeuwen’
Gisteren schreef Erwin Blom een blogpost met als titel “Wie de reactiemogelijkheid aanzet, suggereert een gesprek“. Wanneer kranten, blogs en andere type websites met reactiemogelijkheid zelf niet reageren op de reacties die hun artikelen oproepen gaat het mis. Dan krijg je geen inhoudelijke reacties meer, maar gaan mensen “schreeuwen”:

Wat doen mensen die geen reactie krijgen op iets dat ze zeggen? Die gaan roepen. Wat doen mensen die dan nog niks horen? Die gaan schreeuwen. Dat zet de toon. En als een toon eenmaal is gezet, is ie moeilijk aan te passen.

Vaak wordt gedacht dat dit type reacties komt doordat ze anoniem zijn. Volgens Blom is die anonimiteit echter niet het probleem:

Het begin van het probleem ligt elders. Het probleem vangt aan op het moment dat je je publiek niet serieus neemt en het gesprek niet aangaat. Het gaat mis als je jezelf niet daar laat zien waar je je publiek een stem geeft. Wie dat niet doet, lost met het afschaffen van anonimiteit uiteindelijk niks op.

De kern van zijn betoog is dus dat je op internet als auteur/nieuwssite ook zèlf de dialoog moet aangaan met je lezers. Anders krijg je een hele nare sfeer op je website.
Van dialoog naar terug naar zenden
In 2005(!) schreef ik naar aanleiding van een artikeltje op Dutchcowboys op “het oude Adverto” over De Wet van de Afnemende Interactiviteit. Hoewel mijn artikel dus al 5 jaar oud is, sluit het nog steeds naadloos aan op de problematiek die Erwin Blom aanhaalt.
Daarom hier een herpost van van mijn artikel, beginnend met een citaat van Jeroen de Bakker:

(…) naar mate een log of een podcast succesvoller wordt en meer mensen trekt, komt de interactiviteit steeds meer in het gedrang. ‘1 to a few’ wordt ‘1 to too many’. Een dialoog is bijna niet meer mogelijk. Het wordt gewoon weer zenden… Hier ontstaat een nieuw fenomeen: de Wet van de Afnemende Interactiviteit.

Rare paradox
Met andere woorden, wanneer je weblog dagelijks door duizenden mensen wordt gelezen dreigt de dialoog verloren te gaan omdat je simpelweg niet met iedereen in gesprek kunt gaan. Je komt daardoor in een hele rare paradox aangezien interactiviteit nu juist dè succesfactor van weblogs is.

Drie stadia van Afnemende Interactiviteit
Naar mate een weblog meer bezoekers nemen de eigenschappen ervan (interactiviteit) steeds verder af. Ik denk dat de Wet van de Afnemende Interactiviteit drie stadia kent:

  1. Minder dan 1000 unieke bezoekers per dag: de auteur kan zelf in gesprek blijven met zijn lezers omdat het aantal reacties onder de geschreven artikelen beperkt blijft (de praktijk leert dat maar een paar procent van de bezoekers reacties onder artikelen plaatst). Voorbeelden van dit eerste stadium zijn WebdrainBrickmeetsbyte en ook Adverto zelf. (NB: voorbeelden uit 2005)
  2. Tussen de 1000 en 5000 unieke bezoekers per dag: de dialoog verplaatst zich van auteur-bezoeker naar bezoeker-bezoeker. Uiteraard blijft de auteur wel sterk betrokken bij de discussie en zal zelf ook de dialoog blijven op zoeken. Betrokkenheid van de auteur is echter geen voorwaarde voor interactiviteit meer (dit in tegenstelling tot het eerste stadium). Voorbeeld: Marketingfacts [Update 2010: zoals bij alle grote marketingblogs lijkt de echter interactiviteit bij MF tegenwoordig ver te zoeken. Is de conversatie die daar was verplaatst naar Twitter?]
  3. Meer dan 5000 unieke bezoekers per dag: een echte dialoog wordt vrijwel onmogelijk door het grote aantal reacties. Inhoudelijk zinvolle reacties gaan verloren door het gebral van anderen. Je kan je afvragen of je een weblog in dit stadium eigenlijk nog wel weblog mag noemen. Zoals Ton Zijlstra opmerkt: “(…) een groter deel van je lezers gaat je als een publicatie zien, en zoeken ook het gesprek met jou niet”. Met meer dan 5000 unieke bezoekers gaan de “weblog-eigenschappen” voor een deel verloren en ontstaat er een soort online magazine. Voorbeeld: Geenstijl

De basisgedachte van de Wet van de Afnemende Interactiviteit komt uit het tijdschrift Wired (Okt. 2004). Het oorspronkelijk artikel is echter nergens online terug te vinden voor zover wik weet. Daardoor heb ik het artikel zelf nooit kunnen lezen. Als iemand een linkje of scan van dit artikel heeft dan hoor ik het graag!
Conclusie
Erwin Blom betoogt dat je altijd de dialoog moet zoeken met je lezers. Los van de vraag of dat wel kan wanneer je enorme aantallen reacties krijgt, is het ook maar de vraag of het werkt. Jij kan de dialoog wel zoeken, maar niet iedere reageerder zit te wachten op die dialoog, die wil gewoon zijn (vierkante) mening kwijt en vindt het verder wel best.


Daarnaast denk ik dat het opheffen van anonimiteit wel degelijk een groot deel van het probleem oplost. Anoniem is het makkelijk schreeuwen. Wanneer jouw reactie gekoppeld zit aan je online identititeit (Linkedin/Twitter/Hyves/Facebook?) denk je volgens mij net even langer na voordat je een botte reactie plaatst.
Wanneer je als website te maken krijgt met de Wet van de Afnemende Interactiviteit zou ik er voor zorgen dat bezoekers niet meer anoniem kunnen reageren en bovendien die reacties die er komen ook streng modereren. Wanneer de reactie niets inhoudelijks bijdraagt en de boel alleen maar verstoort; gewoon deleten die hap! Misschien druist het in tegen de basisgedachte van internet waarbij iedereen een podium of stem krijgt, maar andere andere kant hoef je ook niet altijd te zwichten voor verbale relschoppers. Toch?

Blogstores, gek dat het ze niet van de grond komen

Blogstores zijn e-commerce sites gecombineerd met weblogs. Aan ieder product dat verkocht wordt zit als het ware een blogpost gekoppeld. Zo voorkom je dat de site de uitstraling krijgt van een saaie catalogisch en wordt je beter gevonden door zoekmachines (je hebt immers meer content).
Het concept van blogstores is niet bepaald nieuw. In 2005 werd er al over geschreven. Toch lijken de blogstores nog niet echt van de grond te komen (ik kom er nooit eentje tegen), terwijl in de basis wel een goed concept is. Strange… Heb er nu te weinig tijd voor, maar ik ga nog eens goed over na denken. Wordt vervolgd.

Na de kranten nu ook de weblogs doodverklaard? What's next?

Het ene na het andere medium wordt maar maar doodverklaard. Kranten zijn dood, tijdschriften zijn dood, en recentelijk  vorig jaar zijn zelfs ook de weblogs doodverklaard. Volgend jaar (als het al zo lang duurt) staat er natuurlijk ook iemand op die verklaard dat Twitter (of “microblogging” als je van buzzwords houdt) ook hardstikke dood is. Om dat het met elkaar praten uiteindelijk veel sneller gaat.
Wat een bullshit. Geen enkel medium gaat dood, het krijgt hooguit een andere rol.
De dood van de print industrie
Kranten & tijdschriften zouden sterven door gebrek aan interactie en doordat ze altijd achter de feiten aanlopen. Geprintte media zijn per definitie ‘yesterdays news’, en dus hopeloos achterhaald. Daar zouden de weblogs wel even verandering in gaan aanbrengen. Is dat ook gebeurd? Ik denk het niet. Het echte ‘harde nieuws’ is wel meer naar online verschoven. Kijk naar het succes van nu.nl: korte berichten, zonder al te veel diepgang, maar wel altijd zeer actueel. Voor echte achtergrondinformatie, kaders en diepgang over wat er in de wereld gebeurt vind ik persoonlijk de print media (zowel kranten als tijdschriften) nog altijd onovertroffen.
Kranten dood? Nee, ze zijn zich (min of meer gedwongen) meer moeten gaan toeleggen op de achtergronden bij het nieuws. Dat niet iedereen daar behoefte aan heeft is een ander verhaal, maar bestaansrecht hebben kranten volgens mij nog steeds.
En nu zijn ook de weblogs gestorven!
Vol bombarie gingen de weblogs de wereld veranderen. Altijd actueel. Boordevol interactie. Tot vorig jaar, toen bleek de de weblog wereld ineens een stuk minder hard groeide. Sterker nog: een hoop weblogs begonnen een zieltogend bestaan te leiden. Weg waren de regelmatige updates. De schrijvers kwamen er achter dat het toch wel veel energie kost om telkens weer met goeie blogpostings te komen. Een krabbel hier, en een widget daar op een van de social networks was veel makkelijker en laagdrempeliger. En toen kwamen ook nog eens de microblogging diensten zoals Twitter opzetten. Ik quote: “Zitten mensen te wachten op lange verhalen over een onderwerp? Als een link en je mening in 140 letters ook genoeg is ???”. En aldus werden de weblogs doodverklaard.
Weblogs dood? Nee, natuurlijk niet. Misschien zijn er wel minder postings dan voorheen, maar de kwaliteit van de berichten die geplaatst worden gaan juist omhoog. Korte beschouwingen plemp je op Twitter of misschien op een social network. Wil je echt ergens een weldoordacht statement over maken dan is een blogposting nog altijd de meest aangewezig manier.
Wat is nou mijn punt?
Laten we ophouden om het één na het andere medium dood te verklaren. Ze gaan niet dood, maar bij de opkomst van een nieuw medium krijgen de oude tools of kanalen hooguit een andere rol. Zo werkte het al toen de schilderkunst in het gedrang kwam door de fotografie . De succesvolle schilders dachten: “hoppa, dan maar niet meer levensecht schilderen, maar laten we abstractie kunst gaan maken”.
Als een medium zich aanpast en focust op z’n eigen kracht zal er altijd een bestaansrecht overblijven. Dood aan de doodverklaringen!