Reclamebureau's snappen het niet! Of toch wel?

De kans is groot dat je in de afgelopen dagen onderstaand filmpje, “the last advertising agency on earth“, ergens voorbij hebt zien komen. Het is een leuk filmpje, maar de conclusie klopt niet.
Over “The last advertising agency on earth”
Het filmpje speelt in de toekomst en laat aan de hand van “het laatste reclamebureau op aarde” zien waarom alle reclamebureau’s zullen uitsterven:

Moraal van het verhaal
De conclusie die in het filmpje getrokken wordt is:

“Het medialandschap verandert en de reclamebureau’s snappen er niks van. Ze weigeren mee te veranderen en daardoor sterven ze uit. Einde verhaal. Eigen schuld, dikke bult”.

Hoewel er in de bureauwereld zeker een verandering gaande is, deel ik deze conclusie zeker niet.
Verandering in de manier van werken
De reden dat ik bovenstaande conclusie niet deel, is dat de verandering ’em niet zit in het feit dat de bureau’s het niet snappen. De bureau’s snappen heel goed wat er aan de hand is in het veranderende medialandschap, alleen ze kunnen er weinig mee vanwege hun manier van werken.
Huidig reclamemodel: vooraf nadenken allerbelangrijkst
Ingmar de Lange schreef op zijn blog het artikel “merkstrategie: de piramide is omgedraaid“. In dat artikel beschrijft hij de verandering die brandmanagers en marketingdirecteuren op dit moment doormaken:

Vroeger maakte je als merkstrateeg een keuze. En daar zat je aan vast. Vervolgens zag je de consequenties iedere dag op TV. Het was dus belangrijk dat je zeker wist dat je de juiste keuze had gemaakt. Daarom werd er veel energie in het voorbereidingstraject gestoken.

(By the way: Ingmar schrijft al in de verleden tijd, maar ik denk dat deze beschrijving bij het gros van de marketingafdelingen nog lang geen verleden tijd is…)
Er worden veel uren gestoken in het maken van de juiste briefing. Vervolgens komt er een concept. Dat wordt eerst een aantal keer afgeschoten of aangescherpt om vervolgens naar de productfase te gaan. Mediainzet wordt ver van te voren vastgelegd en na een aantal maanden van hard werken achter de schermen gaat de campagne de lucht in. Vanaf dit moment kun je er weinig tot niks meer aan veranderen. Vandaar dat het vooraf nadenken dus zo belangrijk is in het huidige reclamemodel.
Op het model van “vooraf goed nadenken” zijn de traditionele reclamebureau’s perfect ingespeeld.
Nieuw reclamemodel: doen en bijsturen
In het nieuwe reclamemodel verschuift de focus van “vooraf nadenken” naar “doen en onderweg bijsturen”. Ingmar de Lange:

Dankzij ‘de digitale techniek’ kan een activiteit vrij makkelijk worden aangepast: werkt het niet helemaal lekker, dan pas je het morgen aan. De stap van idee naar executie is daarmee een stuk korter. En omdat merken vele malen meer uitingsvormen hebben, is het niet de uitdaging een gedachte letterlijk naar een uiting te vertalen. Het gaat  er meer om dat deze een achterliggende rode draad is bij allerlei ‘fragmenten’. De Grote Gevoel kristalliseert stapsgewijs.

Omdat je online geen aandacht inkoopt zoals op TV, gaat het er niet meer om dat je éérst de perfecte campagne bedenkt. Je begint met iets  en kijkt gaande weg wat werkt en wat niet. Op basis daarvan stuur je bij, en zo bouw je je merk/website/app steeds verder uit.
Het probleem van reclamebureau’s
De stelling dat reclamebureau’s de online wereld “niet snappen” is veel te kort door de bocht. Het probleem van de reclamebureau’s is niet dat ze het niet snappen. Volgens mij zit het probleem veel meer in in de manier van werken, de shift van “vooraf nadenken” naar “doen en bijsturen”. Die verschuiving vergt een andere manier van werken. En daar zijn de traditionele bureau’s (nog) niet aan gewend. Dat is de reden waaromde interactieve bureau’s nu een voorsprong kunnen nemen. Niet omdat die interactieve bureau’s de consument van nu beter begrijpen van de traditionele reclamebureau’s.

Last advertising agency on earth? Dacht het niet
Volgens mij is het slechts een kwestie van tijd voordat de reclamebureau’s de interactieve bureau’s (die nu op voorsprong staan) zonder al te veel moeite weer inhalen. Ik denk daarom dat we gaan het moment van “the last advertising agency on earth” dan ook nooit gaan bereiken.

PS: saillant detail: het betreffende filmpje is gemaakt door het uber traditionele reclamebureau Saatchi & Saatchi. Misschien wel het beste bewijs dat de grote bureau’s zelf heel goed door hebben wat er allemaal aan het veranderen is?

Slimme verandering online advertising model

De uitgever van kranten als AD, Volkskrant, Het Parool en NRC Handelsblad is bezig het model voor online advertising te veranderen. En dat doet de Persgroep op een slimme manier. Justin Sandee van Persgroep Advertising in Emerce:

“Adverteerders kopen bij ons voor een hele dag een vaste positie op de homepage van een of meerdere nieuwsuitgaven. Met de onderliggende pagina’s werken we anders. Daar koopt een adverteerder complete pagina’s af binnen ons netwerk. Daarvoor krijgen ze, wat we noemen, een 3-Ad. Alledrie de posities voor de prijs van één, met als doel het merkbouwende effect van de grafische reclameuiting te vergroten”

De kracht van herhaling
Ik vind het slimme van dit model vooral dat een adverteerder exclusiviteit gedurende een dag (of dagdeel) af kan kopen. Dat voorkomt de situatie die je nu hebt: je zit een fractie van een seconde een bepaalde banner, dan klik je door en verschijnt er een andere banner. Zo komt de boodschap van de adverteerder nooit “tussen je oren” omdat je simpelweg te weinig tijd hebt gehad om de boodschap door te laten dringen. Wanneer een uiting “vast” op de pagina (of meerdere pagina’s) staat kun je de boodschap herhalen waardoor je als adverteerder meer (merk)effect kunt bereiken.
Sowieso heb ik nooit begrepen waarom websites hun advertentieruimte niet “per sessie” gaan verkopen. Wanneer ik als bezoeker op een site binnen kom zie ik een advertentie op de homepage, en waar ik ook naar toe klik (binnen dezelfde site), op iedere pagina krijg ik dezelfde banner te zien gedurende mijn bezoeksessie. Veel site hebben zoveel onverkochte advertentieruimte dat ze dat gemakkelijk kunnen doen. Dan wordt online ineens weer een stuk interessanter voor branding-doeleinden.

The medium is the message
Naast de kracht van herhaling is een bijkomend voordeel dat de A-merk adverteerders zich op deze manier echt gaan onderscheiden van de rest. Het afkopen van een homepage is niet voor iedere adverteerder weggelegd. Je moet er immers een substantieel budget voor hebben. Door dit gegeven gaat het principe “the medium is the message” eindelijk ook voor online werken zoals dat al veel langer geldt voor TV. Wanneer je met je merk op TV adverteert wordt je door de consument bijna als vanzelf als A-merk gezien. Wanneer je de budgetten hebt om op TV te adverteren ben je geen pruts-bedrijfje en zal het met de kwaliteit van je product of dienstverlening ook wel goed zitten, zo is de (onbewuste) redenering van de consument. Datzelfde effect ga je ook bereiken met het afkopen van homepages etc. De waarde voor de adverteerder zal hier door stijgen.

Effectiever? Of juist nog meer intrusive?
Ik denk dat deze manier van online reclame maken voor de adverteerder meer effect zal hebben. Maar hoe zit het met de bezoeker? Hoe gaat die het ervaren? Maakt het voor hem niet uit omdat er toch altijd banners staan? En dat het dus niet uitmaakt of het dezelfde banner of steeds een andere? Of wordt het (nog) irritanter?

iTunes model als redder voor contentsites?

Consumenten zijn niet gewend en misschien zelfs wel niet eens bereid om te betalen voor online content. Onder leiding van mediatycoon Rupert Murdoch laait de discussie over het businessmodel van nieuws- en andere contentsites weer hoog op. Waarom betalen we eigenlijk niet voor content? En waarom lukt het Apple wel met hun iTunes systeem? Zou het iTunes model niet toe te passen zijn op contentsites?
Waarom betalen we niet voor online content?
Websites die content produceren hebben het moeilijk. Er wordt vrijwel nergens echt serieus geld verdient met sites die content publiceren; de inkomsten uit reclame (banners) zijn in het beste geval kostendekkend. Er wordt dan ook hard nagedacht over het ideale businessmodel voor dit soort sites. Volgens mij is het probleem tweeledig:

  • De motivatie om te betalen is laag: niet alleen omdat mensen sowieso niet graag ergens voor betalen, ook omdat er een overvloed aan soort gelijk gratis informatie is. Pas als informatie niet zomaar overal gratis beschikbaar is zal de motivatie om er voor te betalen stijgen.
  • Het gebruiksgemak om te betalen is laag: zelfs als je best bereid bent om ergens voor te betalen is het nog niet makkelijk om dat ook daadwerkelijk te doen. Je hebt geen zin om voor een transactie van 2 euro aan de slag te moeten met iDeal of je creditcard. Een gemakkelijk systeem voor micropayments ontbreekt.

Voor Apple is iTunes een ideaal systeem. Het is een cashcow van heb ik jouw daar. Opmerkelijk is dat iTunes niet beide punten hier boven oplost: muziek is immers nog steeds op veel plekken gratis beschikbaar (waardoor de motivatie om te betalen eigenlijk laag blijft). Het gebruiksgemak is echter wel groot. Als je eenmaal een account hebt aangemaakt (gekoppeld aan je creditcard) kun je met één klik (micro)betalingen doen. Is (anders dan vaak gedacht) gebruiksgemak nog belangrijker dan motivatie om te betalen?
iTunes model voor contentsites
Als iTunes werkt voor muziek (en apps) is het op z’n minst het proberen waard om dat model ook toe te passen op contentsites toch? Dat is precies wat een slimme Amerikaanse uitgever nu dan ook probeert:

San Francisco based McSweeney’s, publisher of magazines, fiction and essays, has released an interesting iPhone app. It’s interesting not for its interface or contents, which are both of fine quality by the way, but for introducing what might be the first subscription model for digital magazines. You buy the app for 4,99 euro. The purchase includes the first six months subscription fee. For that you receive new stories on a weekly basis. An understandable, doable and simple solution.

In dit geval gaat het dus wel om het iTunes systeem toegepast op abonnementen, niet op losse artikelen. Niet voor iedere site met interessante content zul je meteen een abonnement af willen sluiten, dus het lost het probleem van echte micropayments (betalen per artikel) nog niet helemaal op. Maar misschien is het ook wel beter om dit alleen in abonnementsvorm te verkopen omdat je er dan minder bewust van bent dat je betaalt voor online content.
Gaat het iTunes model de redder worden voor contentsites?

Wat betekent mobiel internet voor het businessmodel van Google?

Ik heb sinds kort een iPhone… (ja, ik weet het: ik ben een enorme laggard, maar beter laat dan nooit). Zoals iedereen die net een iPhone heeft gekregen ben ook ik in deze eerste dagen helemaal in de ban van het uitproberen van iPhone Apps.
Door die iPhone & iPhone Apps zat ik me ineens af te vragen wat de opkomst van mobiel internet (en mobiele apps) betekenen voor het businessmodel van Google op de lange termijn. Kunnen advertentievormen als Google Adwords & Google Adsense ook mobiel worden toegepast? Of gaat het uiteindelijke allemaal om betaalde applicaties voor mobiel?
Mobiel niet meer “search-driven”
Een van de belangrijkste veranderingen wanneer je gebruik gaat maken van internet op je mobiel is dat het stukken minder  “search driven” is. Je zoekt veel minder, omdat voor bijna alles wat je wilt doen een apart programmatje beschikbaar is. Je gaat daardoor nog taakgerichter te werk. Denk er maar eens even over na:

  • Vraag: wanneer ga je zoeken?
  • Antwoord: als je niet weet waar je iets kunt vinden.

We weten voor steeds meer dingen al wel waar je het kunt vinden. Je gaat dan niet meer zoeken bij Google, maar rechtstreeks naar de plek waar je verwacht die antwoorden te kunnen vinden:

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Applicaties op je mobiel zullen deze ontwikkeling alleen nog maar versterken. Dankzij de Apps wordt het immers nog makkelijker om rechtstreeks naar de “plek van antwoord te gaan”.
Google wil Apps in de browser
De browser krijgt door de applicaties een onderschikte rol. Dat is slecht nieuws voor Google, want het is immers de browser waar Google zijn advertenties (Adwords & Adsense) kwijt kan. Eind juli schreef ik een blogpost met de titel: “Apple’s App Store: Google gelooft er niet in“. Het is misschien niet zo zeer een kwestie van niet geloven als wel  “niet blij mee zijn” (Apple heeft  met meer dan 65.000 apps en meer dan 1,5 miljard downloads het gelijk volgens mij wel aan haar zijde).


Volgens Google ligt de toekomst in programma’s die via een platform/toestel onafhankelijke browser draaien. Dat zorgt (volgens Google) voor een groter bereik  & lagere ontwikkelkosten voor de App Developers. En het grote voordeel voor Google is natuurlijk dat ze hun Adwords & Adsense advertenties kwijt kunnen in de browser (in tegenstelling tot bij de huidige Apps van Apple’s Appstore).
Wat betekenen mobiele applicaties voor het businessmodel van Google?
Stel dat het Google lukt om een verandering teweeg te brengen en alle Apps in de browser gaan draaien. Ik vraag me af of dat genoeg is om het businessmodel wat Google nu heeft ook toe te kunnen passen op mobiel.

  • Eerder had ik al vast gesteld dat mobiel internet stukken minder “search driven” is. Dat betekent dat Google’s huidige cashcow (Adwords) niet veel te zoeken heeft op mobiel.
  • Daarnaast ben je bij internet op je mobiel nog taakgerichter bezig dan wanneer je internet op je laptop of PC. Daardoor laat je je nog minder afleiden door advertenties rondom de content en dat zou betekenen dat ook Google Adsense weinig te zoeken heeft op mobiel.

Zou paid content (als in: betaalde apps) dan toch the way to go zijn? En kan Google de voorsprong van Apple’s App Store nog inhalen?

Hoe adverteren toch wel echt iets van "waarde" toevoegt

Bij adverteren denk je misschien niet meteen aan (echt) waarde toevoegen aan een product of dienst. Via weblog Enthousiasmeren werd ik gewezen op de presentatie van advertentieman Rory Sutherland (vice president van reclamegigant Ogilvy). Door zijn verhaal ging ik anders denken over hoe adverteren en waarde met elkaar samenhangen:

Adverteren voegt waarde toe aan een product door de perceptie te veranderen, in plaats van het product. Rory Sutherland probeert aan te tonen dat een verandering in de perceived waarde net zo bevredigend kan zijn als de “echte” waarde. Zijn conclusie heeft een interessant gevolg voor hoe we naar het leven kijken (Enthousiasmeren).

Rory Sutherlands presentatie op TED
Iets wat je echt even moet doen is onderstaande video bekijken. Echt! Het kost je 16 minuten, maar die zijn goed besteed, dat beloof ik je. Rory Sutherland brengt zijn verhaal op een hilarische manier en laat je ook nog eens op een andere manier nadenken over hele basale dingen. Kijken dus!


Lees ook verder op Enthousiasmeren waar het verhaal van Sutherland nog een stuk breder wordt getrokken in de richting van geluk, en waarom we gelukkig zijn (maar dan op een normale, niet Dr-Phill-achtige manier :-).

Het failliete businessmodel van online adverteren

Ik zat een artikel te lezen over online adverteren, en toen bedacht ik me dat (online) businessmodellen die het moeten hebben van adverteren failliet zijn. Aan de ene kant zullen veel consumenten dat fijn vinden (no more advertising!), maar het is natuurlijk toch een trieste zaak. Voor uitgevers en andere mensen/instanties die content publiceren betekent het namelijk dat het niet meer de moeite waard is. 
Een tijdje geleden was ik bij 212 Amsterdam. Daar sprak de hoofdredacteur van Elsevier over de website van het gelijknamige blad. Het bleek dat ze met een redactie van 6 mensen (lean & mean dus) in staat zijn om maandelijks meer dan 1 miljoen unieke bezoekers te trekken. Toen het vervolgens over de inkomstenkant ging bleek dat ze net kostendekkend waren. 1 miljoen bezoekers, net kostendekkend! En dat ligt niet aan Elsevier, maar aan de markt voor online advertising. Een laag effect in combinatie met lage prijzen is dodelijk.
Ben wel benieuwd waar het in de toekomst naar toe zal gaan. De hele mediawereld houdt tycoon Rupert Murdoch  goed in de gaten. Hij roept de laatste tijd dat consumenten moeten gaan betalen voor goede content. Zou het dan toch die kant op gaan? Wie het weet mag het zeggen.