De zelfhulp-paradox

In 2015 schreef Ernst Jan Phauth voor De Correspondent een jaar lang over zelfhulp boeken. Van productiever worden tot hardlopen, van mediteren tot tot zo snel mogelijk financieel onafhankelijk worden; hij las het allemaal.

Uiteindelijk kwam hij tot de verrassende conclusie dat je van al die boeken eigenlijk doodongelukkig wordt. Je bent immers altijd bezig met datgene wat niet goed goed in je leven (je bent niet productief genoeg, je hebt te weinig rust in je hoofd, je geeft te veel geld uit en ga zo maar door). Door je alleen maar te richten op zelfverbetering wordt je feitelijk chronisch ontevreden. Of zoals hij het zelf zegt:

In de prestatiemaatschappij draait het om wat er beter kan. Misschien ken je het wel: we kunnen een nóg betere baan vinden, een mooiere tuin dan de buren bijhouden, aan een nóg strakker lijf werken, nog verder reizen en méér Instagram-volgers verzamelen. Daarmee vertellen we onszelf de hele tijd: we hebben nog niet genoeg. Het risico daarvan: dat we altijd denken aan wat er morgen beter kan, en vergeten te genieten van vandaag.

De oplossing voor deze chronische ontevredenheid is volgens Ernst Jan Phauth dankbaar zijn. Dankbaar zijn voor wat je wel hebt en waar je wel tevreden mee bent. Om je daar bij te helpen bracht hij een dankboek uit.

De Deense psycholoog Svend Brinkmann gaat nog verder dan Phauth in het afzweren van zelfhulp boeken. Volgens hem maken zelfhulpboeken je narcistisch. Volgens Brinkmann moeten we er niet naar streven om als individue steeds beter te worden, maar om meer betekenis te geven aan het ons leven:

Betekenis vinden we juist buiten onszelf: in onze relaties met anderen en de gemeenschap waartoe we behoren. Mijn tegengif bestaat uit de suggestie dat het wellicht meer zin geeft om eens te reflecteren op de vraag hoe je een goed en fatsoenlijk mens kunt worden, toegewijd aan het welzijn van anderen en de wereld om je heen, dan om je te concentreren op je eigen persoonlijke ontwikkeling en succes.

Ernst Jan Phauth komt tot een soortgelijke conclusie. Hij onderscheidt naast dankbaar zijn nog drie andere strategieën om meer voldoening uit je leven halen:

  1. Je werk, hobby’s en projecten zien als oefenen. Als je alleen maar denkt aan het resultaat van je werk of hobby, haal je er minder plezier uit. Want we worden gelukkig van oefenen en van het verkrijgen van inzicht in hoe we ergens beter in kunnen worden. Ironisch genoeg vergroot oefenen ook nog de kans dat je je doel bereikt.
  2. Ruimte maken voor flow en rust in je leven. Flow is een staat van opperste concentratie waar we als mensen heel veel geluk door ervaren. Het wordt steeds zeldzamer, omdat we elkaar continu afleiden met een stroom aan appjes, mailtjes, bilateraaltjes en vergaderingen. Je kunt je aan de collectieve bezigheidstherapie onttrekken en de kans op flow zo groot mogelijk maken. Daar win je ook tijd mee, die je aan uitrusten kunt besteden.
  3. Je leren richten op anderen. Alles in de prestatiemaatschappij draait om de BV Ik. Dat is zonde, want mensen zijn sociale wezens en doen er verstandig aan zich om elkaar te bekommeren en in elkaar te investeren. Niet alleen steunen we elkaar dan, we halen zelf ook voldoening uit het helpen van anderen.

Ik geloof echt in die dankbaarheidstrategie van Phauth. Maar toch voelt het wel een beetje breiende-joga-huismoeder-achtig aan. Het voelt gewoon een beetje jeukerig. Maar dat zit natuurlijk in mijn eigen hoofd. Dit artikel legt goed uit waarom die dankbaarheids-jeuk eigenlijk volledig overbodig is.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *