Dec
15
2009
4

Groter dan Twitter: FarmVille

Vergeet Twitter… met 25 miljoen gebruikers stelt en het ontbreken van enige vorm van een businessmodel stelt het op dit moment niks voor. Enter “FarmVille“, een simpel online spelletje binnen Facebook, met dezelfde sociale componenten als Twitter.

FarmVille is businesswise echter een heel ander verhaal dan Twitter: het heeft veel meer gebruikers en wèl een serieus businessmodel. Het businessmodel van FarmVille is gebaseerd op “virtuele goederen”:

On any given day 500,000 tractors are sold on the Internet. But don’t start buying stock in John Deere or Caterpillar just yet. These are $20 “virtual” tractors that belong to the 50 million players of FarmVille, the largest and fastest-growing social game on the Internet. (bron: CNN)

Virtuele goederen
Laat het bovenstaande even tot je door dringen…. er worden PER DAG 500.000 virtuele tractors à $20,- verkocht op FarmVille. Ik schreef eerder al een artikel met de titel “Verkoop van virtuele goederen, da’s pas online business“, maar toen had ik nog niet het idee dat het zo groot zou kunnen worden….

Achtergrond FarmVille
Lees meer over de achtergrond van  FarmVille in het Volkskrant-artikel “Verslaafd aan de online boerderij“. Volgens de Volkskrant heeft FarmVille inmiddels trouwens al 64 miljoen gebruikers in plaats van de 50 miljoen waar CNN het over heeft.

Wat is dit?
Zijn we met met z’n allen een beetje gek geworden? Of is dit gewoon in de plaats gekomen van pre-historische activiteiten als Risk en Monopoly en moeten we daar verder niet te lang bij stil staan?

Post to Twitter


Reageer op dit bericht! | Bekijk reacties (4)
Nov
30
2009
0

iTunes model als redder voor contentsites?

Consumenten zijn niet gewend en misschien zelfs wel niet eens bereid om te betalen voor online content. Onder leiding van mediatycoon Rupert Murdoch laait de discussie over het businessmodel van nieuws- en andere contentsites weer hoog op. Waarom betalen we eigenlijk niet voor content? En waarom lukt het Apple wel met hun iTunes systeem? Zou het iTunes model niet toe te passen zijn op contentsites?

Waarom betalen we niet voor online content?
Websites die content produceren hebben het moeilijk. Er wordt vrijwel nergens echt serieus geld verdient met sites die content publiceren; de inkomsten uit reclame (banners) zijn in het beste geval kostendekkend. Er wordt dan ook hard nagedacht over het ideale businessmodel voor dit soort sites. Volgens mij is het probleem tweeledig:

  • De motivatie om te betalen is laag: niet alleen omdat mensen sowieso niet graag ergens voor betalen, ook omdat er een overvloed aan soort gelijk gratis informatie is. Pas als informatie niet zomaar overal gratis beschikbaar is zal de motivatie om er voor te betalen stijgen.
  • Het gebruiksgemak om te betalen is laag: zelfs als je best bereid bent om ergens voor te betalen is het nog niet makkelijk om dat ook daadwerkelijk te doen. Je hebt geen zin om voor een transactie van 2 euro aan de slag te moeten met iDeal of je creditcard. Een gemakkelijk systeem voor micropayments ontbreekt.

Voor Apple is iTunes een ideaal systeem. Het is een cashcow van heb ik jouw daar. Opmerkelijk is dat iTunes niet beide punten hier boven oplost: muziek is immers nog steeds op veel plekken gratis beschikbaar (waardoor de motivatie om te betalen eigenlijk laag blijft). Het gebruiksgemak is echter wel groot. Als je eenmaal een account hebt aangemaakt (gekoppeld aan je creditcard) kun je met één klik (micro)betalingen doen. Is (anders dan vaak gedacht) gebruiksgemak nog belangrijker dan motivatie om te betalen?

iTunes model voor contentsites
Als iTunes werkt voor muziek (en apps) is het op z’n minst het proberen waard om dat model ook toe te passen op contentsites toch? Dat is precies wat een slimme Amerikaanse uitgever nu dan ook probeert:

San Francisco based McSweeney’s, publisher of magazines, fiction and essays, has released an interesting iPhone app. It’s interesting not for its interface or contents, which are both of fine quality by the way, but for introducing what might be the first subscription model for digital magazines. You buy the app for 4,99 euro. The purchase includes the first six months subscription fee. For that you receive new stories on a weekly basis. An understandable, doable and simple solution.

In dit geval gaat het dus wel om het iTunes systeem toegepast op abonnementen, niet op losse artikelen. Niet voor iedere site met interessante content zul je meteen een abonnement af willen sluiten, dus het lost het probleem van echte micropayments (betalen per artikel) nog niet helemaal op. Maar misschien is het ook wel beter om dit alleen in abonnementsvorm te verkopen omdat je er dan minder bewust van bent dat je betaalt voor online content.

Gaat het iTunes model de redder worden voor contentsites?

Post to Twitter


Reageer op dit bericht! |
Nov
13
2009
0

Businessmodel gebaseerd op content? Of op connectivity?

Content is king is een geveugelde uitspraak op internet. Die uitspraak wordt (terecht) steeds vaker in twijfel getrokken, want het blijkt niet mee te vallen om met content een fatsoenlijke boterham te verdienen. Onderzoek wijst uit dat mensen bereid zijn om meer te betalen zodra het kanaal ons in staat stelt een verbinding te leggen met anderen (zoals telefonie of SMS). Is een businessmodel gericht op connectivity daarom beter dan een businessmodel gericht op content?

Businessmodel gericht op content
Een paar dagen geleden schreef ik een bericht over de relatie tussen winst & taakgerichtheid van een medium. Daaruit kwam naar voren dat je met businessmodel gericht op content niet bepaald goed zit voor het maken van winst. Een content website zit precies in het midden van het spectrum van taakgerichtheid: mensen staan er onvoldoende open voor reclame (vanwege de relatief hoge taakgerichtheid) waardoor adverteerders niet veel willen betalen voor advertising. Tegelijkertijd is de taakgerichtheid ook weer niet zo hoog dat mensen bereid zijn om te betalen voor content / diensten zoals bij mobiele apps.

Betalen voor connectivity
Naast taakgerichtheid (blijf een vreemd woord) kun je ook kijken naar de “connectivity”; in hoeverre is jouw kanaal in staat een verbinding te leggen tussen mensen. Dat is namelijk hetgeen wat mensen echt willen online. Email was jaren geleden al een killer-app. Of kijk naar het succes van een programma als MSN Messenger. Of meer recent: naar Twitter. Ik kwam een stukje tegen over wetenschapper Andrew Odlyzko. Hij rekende uit hoeveel wij bereid zijn om te betalen voor verschillende vormen van communicatie. Ik quote vanaf Frankwatching:

Voor het versturen van een sms’je hebben we gemiddeld zo’n acht cent over. Dat is heel veel geld voor een minuscuul stofdeeltje informatie. Het komt neer op afgerond duizend dollar per megabyte (Mb). Om draadloos te kunnen bellen en gebeld te worden betalen we gemiddeld een dollar per Mb. Voor vast bellen hebben we tien cent per Mb over, om gegevens over internet op te halen gemiddeld één cent.

Bron: The delusions of net neutrality, Andrew Odlyzko

Hoe dichter we ons bevinden bij contact – sms en telefoneren – hoe meer geld we er voor blijken over te hebben. Hoe dichter we komen bij de zwaardere inhoud, des te minder geld we betalen en des te groter tegelijkertijd de neiging wordt om gebruik te maken van smokkelroutes. Met andere woorden, niet content is king, maar connectivity is king (Joost Steins Bisschop)

Leuk verhaal, maar hoe zit het nu echt?
Bovenstaand onderzoek van die Andrew Odlyzko is een leuk verhaal en goed samengevat door Joost Steins Bisschop op Frankwatching. Maar feit is dat we voor die connectivity online toch geen ene moer betalen. Ik haalde hier boven al wat voorbeelden aan van kanalen die zorgen voor een hoge connectivity: email, messenger, twitter. De theorie is dus dat we voor dat soort diensten veel & vaak betalen, maar dan wel met kleine bedragen per keer zoals bij SMS. De praktijk is echter dat deze diensten gewoon gratis zijn en dat niemand bereid is om er voor te betalen.

Who’s the king? Content of connectivity?
De conclusie van van Joost Steins Bisschop is:
niet content is king, maar connectivity is king”. Maar connectivity heeft nog helemaal eigen businessmodel. Kijk naar Twitter, Messenger of sociale netwerken als Hyves of Facebook. Zij hebben precies hetzelfde businessmodel als bij contentsites: alles drijft op advertising. Het enige kanaal waarbij connectivity wel een eigen model heeft is SMS. Maar voor het businessmodel van connectivity dat lijkt SMS eerder een gelukkige uitzondering dan een structurele onderbouwing van “connectivity is king”.

Zolang er voor connectivity geen goed eigen businessmodel is, lijkt het me wat voorbarig om connectivity tot koning te kronen. Content mag dan geen king zijn, maar connectivity dus ook niet.

Post to Twitter


Reageer op dit bericht! |
Nov
09
2009
0

Wat betekent mobiel internet voor het businessmodel van Google?

Ik heb sinds kort een iPhone… (ja, ik weet het: ik ben een enorme laggard, maar beter laat dan nooit). Zoals iedereen die net een iPhone heeft gekregen ben ook ik in deze eerste dagen helemaal in de ban van het uitproberen van iPhone Apps.

Door die iPhone & iPhone Apps zat ik me ineens af te vragen wat de opkomst van mobiel internet (en mobiele apps) betekenen voor het businessmodel van Google op de lange termijn. Kunnen advertentievormen als Google Adwords & Google Adsense ook mobiel worden toegepast? Of gaat het uiteindelijke allemaal om betaalde applicaties voor mobiel?

Mobiel niet meer “search-driven”
Een van de belangrijkste veranderingen wanneer je gebruik gaat maken van internet op je mobiel is dat het stukken minder  ”search driven” is. Je zoekt veel minder, omdat voor bijna alles wat je wilt doen een apart programmatje beschikbaar is. Je gaat daardoor nog taakgerichter te werk. Denk er maar eens even over na:

  • Vraag: wanneer ga je zoeken?
  • Antwoord: als je niet weet waar je iets kunt vinden.

We weten voor steeds meer dingen al wel waar je het kunt vinden. Je gaat dan niet meer zoeken bij Google, maar rechtstreeks naar de plek waar je verwacht die antwoorden te kunnen vinden:

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Applicaties op je mobiel zullen deze ontwikkeling alleen nog maar versterken. Dankzij de Apps wordt het immers nog makkelijker om rechtstreeks naar de “plek van antwoord te gaan”.

Google wil Apps in de browser
De browser krijgt door de applicaties een onderschikte rol. Dat is slecht nieuws voor Google, want het is immers de browser waar Google zijn advertenties (Adwords & Adsense) kwijt kan. Eind juli schreef ik een blogpost met de titel: “Apple’s App Store: Google gelooft er niet in“. Het is misschien niet zo zeer een kwestie van niet geloven als wel  ”niet blij mee zijn” (Apple heeft  met meer dan 65.000 apps en meer dan 1,5 miljard downloads het gelijk volgens mij wel aan haar zijde).

Volgens Google ligt de toekomst in programma’s die via een platform/toestel onafhankelijke browser draaien. Dat zorgt (volgens Google) voor een groter bereik  & lagere ontwikkelkosten voor de App Developers. En het grote voordeel voor Google is natuurlijk dat ze hun Adwords & Adsense advertenties kwijt kunnen in de browser (in tegenstelling tot bij de huidige Apps van Apple’s Appstore).

Wat betekenen mobiele applicaties voor het businessmodel van Google?
Stel dat het Google lukt om een verandering teweeg te brengen en alle Apps in de browser gaan draaien. Ik vraag me af of dat genoeg is om het businessmodel wat Google nu heeft ook toe te kunnen passen op mobiel.

  • Eerder had ik al vast gesteld dat mobiel internet stukken minder “search driven” is. Dat betekent dat Google’s huidige cashcow (Adwords) niet veel te zoeken heeft op mobiel.
  • Daarnaast ben je bij internet op je mobiel nog taakgerichter bezig dan wanneer je internet op je laptop of PC. Daardoor laat je je nog minder afleiden door advertenties rondom de content en dat zou betekenen dat ook Google Adsense weinig te zoeken heeft op mobiel.

Zou paid content (als in: betaalde apps) dan toch the way to go zijn? En kan Google de voorsprong van Apple’s App Store nog inhalen?

Post to Twitter


Reageer op dit bericht! |
Oct
30
2009
0

Verbreding businessmodel NRC Handelsblad gaat een succes worden

Dat de kranten het niet makkelijk hebben is algemeen bekend. Om de terugloop van inkomsten tegen te gaan heeft NRC Handelsblad besloten om hun businessmodel te verbreden door actiever producten te gaan verkopen in hun nieuwe website NRC Lux. Ik denk dat het een groot succes gaat worden.

- lang artikel alert –

Economische situatie krantenuitgevers
PricewaterhouseCoopers voorspelt dat de inkomsten dit jaar met 17% zullen dalen ten opzichte van 2008 (wat ook ook al geen best jaar was).  De sterke daling is volgens PwC te wijten aan de ‘gratis cultuur’ op internet, terwijl de recessie de sector verder onder druk heeft gezet. Mediaspecialist Marieke van der Donk van PwC:

Van dalende oplages was al voor de crisis sprake. Het is niet zozeer de crisis, als wel het veranderende gedrag van consumenten, en in hun spoor dat van adverteerders, dat de sector tot veranderingen dwingt. Van der Donk adviseert krantenuitgevers onder meer te stoppen met het gratis weggeven van “unieke en relevante content” en het neerzetten van het krantenmerk in verschillende kanalen. “Maar nog belangrijker: sluit de vijand in de armen, werk meer samen met erkende digitale nieuwsaanbieders”

PricewaterhouseCoopers: “beste kranten, sukkel maar lekker door”
Wat PricewaterhouseCoopers hier eigenlijk zegt is dat kranten hetzelfde moeten blijven doen (nieuws maken), maar het op een andere manier aan de consument presenteren (niet meer gratis weggeven, samenwerken met digitale nieuwsaanbieders). Als de kranten dat doen gaan ze zeker ‘down the drain’. Ik denk dat kranten actiever moeten zoeken naar echte vernieuwing van hun businessmodel. Dat is wat NRC Handelsblad nu doet met de lancering van webshop NRC Lux.

NRC wil niet meer zo afhankelijk zijn van advertenties & abonnees
NRC Handelsblad verkocht al een jaar of zes producten met een NRC-label (o.a. wijn & boeken). Daarnaast had de krant altijd al speciale lezersaanbiedingen. NRC wil niet meer zo afhankelijk zijn van advertenties en abonnees. Daarom willen ze hun businessmodel verder verbreden door actiever in te zetten op de verkoop van producten via retailers en webwinkels. Op dit moment maakt de verkoop van producten nog 5 procent uit van de totale omzet van NRC Media, maar volgens uitgever Gert Jan Oelderik moet dit binnen twee jaar 15 procent zijn. Om die 15 te gaan bereiken heeft Oelderik een apart retail-team opgericht. Dat team van vier mensen opereert als zelfstandig bedrijf binnen NRC Media, de werkmaatschappij die onder holding PCM valt.

Lancering webshop NRC Lux
Eén van de eerste echt zichtbare initiatieven van het retail-team is de lancering van webshop NRC Lux. NRC Lux is de “cultuurwebwinkel” van NRC Handelsblad en nrc.next. Via de website kunnen consumenten producten bestellen zoals boeken, films, cd’s, dvd’s, wijn, reizen, etc. Daarnaast biedt NRC Lux producten die op geen andere plekken dan NRC Lux te koop zullen zijn zoals kunstwerken en bepaalde exclusieve wijnen.

Onderscheidend vermogen NRC Lux
Wat NRC Lux onderscheidt van bekende webwinkels zoals Bol.com is dat de aangeboden boeken, films en muziek gekoppeld zijn aan het complete recensiearchief van NRC Handelsblad en nrc.next. Dit archief omvat meer dan 20.000 recensies. Daarnaast zijn er videorecensies van bekende NRC-redacteuren te zien op nrclux.nl. Retaildirecteur Rudolf van den Bosch zegt tegen Emerce het volgende over de concurrentie met Bol.com:

Er zit een overlap in de productcategorieën, maar het is een hele andere website. Als je de site van Bol.com en de onze met elkaar vergelijkt, dan zie je dat Bol.com ook hele andere dingen aanbiedt, games en elektronica bijvoorbeeld. Wij zullen ons richten op onze eigen doelgroep en we zoeken het meer in cultuur als centraal thema in onze webwinkel.

Slimme verbreding businessmodel
NRC Handelsblad doet een slimme zet met de lancering van NRC Lux. Ze hebben al 6 jaar ervaring met het verkopen van producten, dus ze begeven zich niet geheel op nieuw terrein maar gaan een bewezen inkomsten kanaal verder uitbouwen. In tegenstelling tot wat PricewaterhouseCoopers gaan ze niet op een andere manier door met hun core-business, maar proberen ze echt te innoveren door breder te denken dan nieuwsvoorziening. NRC gaat daarmee hun businessmodel echt verbreden. Dat is slim.

Ik denk dat NRC Lux een succes wordt dankzij de volgende drie redenen:

  • NRC Handelsblad heeft al 6 jaar ervaring met het verkopen van (culturele) producten. Daardoor kunnen ze de fase van pionieren, experimenteren en leren van fouten overslaan en meteen vol gas gaan.
  • Dankzij de insteek op culturele producten, gecombineerd met het enorme recensiearchief kan NRC Lux meer dan voldoende onderscheidend vermogen creeëren ten opzichte van bestaande webwinkels.
  • NRC Media heeft met NRC Handelsblad & nrc.next een groot bereik en daarmee een perfect platform om NRC Lux te promoten via onverkochte advertentieposities.

Go NRC Handelsblad, Go! :-)

Post to Twitter


Reageer op dit bericht! |